Burgerjournalisten moeten ophouden met chanteren

Journalisten zijn vaak standvastige personen. Ze zijn koppig, willen alles zelf doen en blijven grijpen naar hun traditionele waarden. Maar is dit wel zo verstandig? Wordt het niet hoognodig tijd dat zowel de papieren kranten als nieuwswebsites zich volop gaan bezighouden met de mogelijkheden van crossmedialiteit op het internet? Of hebben ze nog wel altijd het beste voor en is de onrust rondom ‘nieuws’ niet alleen de schuld van journalisten?

Steeds minder mensen zijn geabonneerd op een krant. Steeds meer kranten zeggen vaarwel tegen papier. Sommige kranten kiezen voor een combinatie van papier en device. Tegenwoordig komt het nieuws grotendeels tot mensen via de sociale media. Maar betalen voor nieuws op internet? Dat wordt nog steeds vreemd gevonden.

Waarom?
Waarom maakt de opkomst van het internet het allemaal zo moeilijk voor de journalistiek? En wat is hier als journalist aan te doen? Deze vragen spoken al vanaf het begin van dit schooljaar in mijn hoofd. Een concreet antwoord is er niet. Sommige journalisten willen wel inspelen op sociale media, maar geven op deze manier al gauw te snel ‘gratis’ nieuws. Veel burgers vergeten dat journalistiek ook maar een doodgewoon vakmanschap vergt om tot de kern van gebeurtenissen te komen om de échte waarheid te achterhalen. Een schande vind ik dat, maar helaas is het daardoor ook steeds moeilijker voor de journalist om zijn vak belang door te laten dringen bij de burger.

Dag in en dag uit zijn journalisten actief. 24/7 per dag volgen zij het nieuws en dit doen zij allemaal met maar één doel voor ogen: om de waarheid aan de burger te kunnen vertellen. Échte journalisten zijn hier namelijk voor opgeleid en weten precies hoe ze het beste iets kunnen vertellen.  Maar waardering daarvoor? Ho maar! Kritiek spuwen, daar zijn die burgers wel goed in. Zich boos maken om de ‘feitjes’ die ze op Facebook lezen, eindeloos commentaar geven op één kant van het verhaal: dáár zou eens een einde aan moeten komen.

Chantageburgers
Als de journalist het nieuws niet op sociale media zet, doet de burger zich wel voor als journalist om het nieuws daar te plaatsen. Het lijkt wel een chantagemiddel. Toch geven veel journalisten hier steeds meer aan toe. Ze moeten eigenlijk wel, anders worden ze strakjes écht ingehaald door de burgerjournalist. Gelukkig zijn er ook journalistieke platforms op internet te vinden die de transformatie – naar mijn mening – erg goed aanpakken.

Neem Blendle, hier kun je losse artikelen kopen voor ‘zoveel’ cent per stuk. Dit vind ik een ideale oplossing voor mensen die geen tijd of zin hebben om een hele krant te lezen, maar af en toe wel wat achtergrondinformatie zoeken bij een ‘nieuwtje’ dat ze van horen en zeggen hebben ontvangen. Naast Blendle kan ik nog een paar voorbeelden noemen die goed op weg zijn: De Correspondent, Jalta, Reporters Online of MyJour.

Deze laatste voorbeelden ga ik niet uitleggen. Ik daag mijn lezer uit om ze zelf op te zoeken op internet en dán pas een mening te vormen.

~Deeserve it

Herman Wegter: “Wie ben ik? Wat drijft mij? Wat wil ik?”

Momenteel is hij druk bezig met het uitbouwen van het progressief christelijk blad Zinvloed. Als eindredacteur werkt hij mee aan verschillende programma’s van de EO. Tijdens een gastcollege laat Herman Wegter veel van zijn kennis en ervaring op het gebied van journalistiek en de vraag ‘Waar sta ik voor?’ horen.

“Een ongeluk verwijderd van de Tweede Kamer”

Geloof het of niet, Wegter is “Een ongeluk verwijderd van de Tweede Kamer”. Hij staat namelijk als ‘reserve’ politicus op de lijst. Er hoeft maar een iemand daar ziek te worden en ze bellen Wegter. De kennis die hij hiervoor nodig zal hebben, bezit hij naar mijn inzicht zeker. Hij is misschien vooral bekend als presentator, maar zoals hij zelf al zegt bevatten de meeste presentatoren aardig wat vaardigheden. Wat de meeste mensen namelijk niet zien op televisie, is dat zij zelf veel uitzoeken: researchen en hun script schrijven.

Vaardigheden voor een  goede presentator (volgens Wegter):
1. Redelijke mate van intelligentie (niet af te zien bij sommige, maar het is wel zo): je moet heel snel teksten en inhoud in je hoofd kunnen zetten en vragen stellen
2. Niet perse niet verlegen zijn, dat gaat er wel af
3. Vlotte babbel leer je ook wel
4. Niet spuuglelijk zijn
5. Bij meer inhoudelijke programma’s is nieuwsgierigheid cruciaal: er zit altijd iets interessants in mensen/verhalen

Ooit zat Wegter op dezelfde school waar ik nu op zit. De opleiding journalistiek vond hij toen een beetje een ‘vreemde eend in de bijt’ vergeleken met alle andere  opleidingen op school. Dit kan ik maar al te goed begrijpen. Ik kan niet goed uitleggen waarom. Waarschijnlijk is dit meer een gevoel van ‘sfeer’ in de opleiding die je bij de andere studies niet direct ziet.

Het liefste..
Wegter liep toen bij Radio 1 stage. Hier deed zich een mogelijkheid voor om bij een jongerenprogramma te werken. Dit hield in: televisie maken voor jongeren. Wegter deed de opleiding journalistiek, maar dit viel niet helemaal binnen het straatje. Na een gesprek met een journalist besloot hij toch om de kans te grijpen. Hij wilde dit gewoon het liefste doen, hij vond het super leuk en vijftien jaar verder (nu) werkt hij nog steeds bij de EO.

“Het is goed om te dromen, maar teken die dromen niet uit”

Hij wil ons niet adviseren om gelijk van alles te zoeken naast de studie om alvast ‘naam’ te maken. “Het is goed om te dromen, maar teken die dromen niet uit”. Ieders toekomst loopt toch net iets anders. Wat wel cruciaal is om als student mee bezig te zijn: “Wie ben ik? Waar drijft mij? Waar ben ik goed in? Wat wil ik?” Als je deze drie vragen kunt beantwoorden, weet je beter hoe je jouw kwaliteiten kunt verkopen.

“Al schoppen ze mij weg bij de EO, ik wil gewoon eerlijk zijn”

Zinvloed
Het mensen aansporen en leren over zichzelf als persoon na te denken vindt Wegter erg leuk om te doen. Vandaar dat hij verder wil met het progressief christelijke blad Zinvloed. Hier is hij mee begonnen, omdat hij de veroordelingen in het christendom bij de EO zat was. “Al schoppen ze mij weg bij de EO, ik wil gewoon eerlijk zijn”. Hij schreef een artikel hierover die onwijs veel gelezen werd. Deze doelgroep wil hij meer bereiken en met deze missie heeft hij dus een ‘alternatief’ gevonden en maakt hij zich minder druk om wat hij allemaal bij o.a. de EO leest.

Tijdens het gastcollege heb ik zo ijverig mee zitten tikken op mijn laptop, dat ik bijna 3 hele a4’tjes in volle zinnen heb opgeschreven. Wegter vertelt niet alleen boeiend, hij komt écht binnen. Zijn eerlijkheid staat hem goed. Ik heb ook veel bewondering voor zijn eerlijkheid tegenover de EO en de mogelijkheid die hij hierdoor heeft gekregen om een ander geluid te laten horen op progressief christelijk gebied. Hij heeft zijn advies aan ons zelf waargemaakt. Dát zegt alles.

 

Weet jij wie je bent? Wat jou drijft? Waar jij goed in bent? En wat jij wil?

~Deeserve it

Pretty Good Privacy…

“De Blackberry is nog altijd erg populair onder criminelen”, vertelt misdaadjournalist Hendrik Jan Korterink terwijl hij een Blackberry omhoog houdt. Dit komt doordat een Blackberry alle gegevens wist als er iets ‘misgaat’. Denk dan vooral aan het moment dat er té vaak een verkeerde toegangscode is ingetoetst. 

Nadat Korterink dit fenomeen in een paar korte zinnen heeft uitgelegd, laat hij de leerlingen vragen stellen in zijn gastcollege. Er vallen soms wat ongemakkelijke stiltes, waardoor de leerlingen niet echt uitgenodigd worden om actief mee te praten of denken. Dit laat wel zien dat niet elke journalist met veel woorden hoeft te praten, zolang de boodschap van een artikel maar duidelijk en coherent is.

Staatsgeheim
Teeven had – in zijn tijd van officier van justitie – een deal gemaakt met een  crimineel die bekend was bij Korterink. Uit stukken bleek dat het een hele rare deal was. De crimineel kreeg een bedrag waar niks voor tegenover stond. De stukken waren alleen ‘staatsgeheim’. Korterink dacht: “Als de staat erachter komt dat jij delen van die deal gaat aanspreken, kunnen zij je het leven zuur maken.” Via een aantal tussenkanalen nam Korterink contact op met grotere instanties. Uiteindelijk kwam hij zo bij de publieke omroep terecht. Hier heeft hij een verhaal voor Panorama gemaakt en werd er aandacht aan besteed bij Nieuwsuur.

Nieuwsuur was eigenlijk vooral geïnteresseerd in de politieke consequenties. Korterink daarentegen was meer geïnteresseerd in het criminele gedeelte: “Waar was het geld gebleven?” Hier heeft hij zijn bijdrage aan het ‘ontmaskeren van de Teevendeal’ nagelaten. Doordat hij naar ‘grotere’ instanties is gegaan, heeft hij zijn eigen ‘naam’ niet in gevaar gebracht.

Één tip
Korterink raadt studenten journalistiek niet aan om in de misdaadjournalistiek te gaan. De reden die hij hiervoor geeft, is niet heel duidelijk. In elk geval haken er veel ‘beginnende’ misdaadjournalisten af. Wat hij de beginnende journalist wel wil meegeven is: “Leer gewoon een goed coherent verhaal schrijven. Als je dit namelijk niet lukt, kan je beter geen journalist worden”.

Daar heeft hij zeker een punt. Als een afgestuurde student journalistiek later met een hak-op-de-tak verhaal komt aanzetten bij een redactie, zal het zijn of haar naam geen goed doen. Aan de andere kant, zijn er wel journalisten die beter zijn in radio- en televisiejournalistiek. Dat heeft op mij geen toepassing. Ik weet bijna wel zeker dat ik de schrijvende kant ga kiezen. Dus een goed coherent verhaal schrijven, is voor mij een vereiste om te kunnen.

Privacy
Net zoals ik óók de schrijvende kant op wil, heb ik net als Korterink ook liever niet dat ik mezelf in de schijnwerpers wil zetten. Met zijn hoofd op de buis wil Korterink absoluut niet. Dit is een klein verschil met de misdaadverslaggevers John van den Heuvel en Peter R. de Vries. Korterink zegt hierover: “Ik wil nog gewoon bij de bakker mijn brood halen zonder dat ik herkend wordt. Bovendien willen sommige mensen dan niet met mij in het openbaar gezien worden”.

Korterink staat erg op zijn privacy. Toch houdt hij werk en privé helemaal niet gescheiden: “Waarom zou ik? Ik schrijf over alles wat ik weet, waarom zou ik dit niet kunnen vertellen aan mijn naasten?”  Daar heeft hij ook zeker weer een punt, vind ik. Desondanks denk ik dat vele (journaliste)n hier misschien anders over denken.

~Deeserve it

Hebben de ‘media’ als enige dé schuld?!

reactiesHet lijkt allemaal zo mooi voor burgers… Nooit meer wachten totdat de (lokale) krant door de brievenbus valt, want om de tien seconde verschijnt er toch wel weer een nieuwsbericht op je tijdlijn van Facebook. Of je krijgt een appje van een vriend die “nou toch weer eens iets meegemaakt heeft joh”. Maar wat als ik jou nou eens vertel dat de gevolgen van deze manier van nieuwsvergaring niet alleen voor (lokale) journalisten negatief zijn, maar óók voor jou als burger?

Zeg nou zelf, de kritiek op de ‘media’ schijnt als maar weer naar boven te komen in de meeste discussies op sociale media… Waarom is dat zo? Is er dan echt iets mis met de ‘media’? Doen zij hun werk écht niet goed? Of ligt het ook een beetje aan de lezers zelf? Of komt het omdat sociale media anders omgaan met berichten dan de bedoeling is? Zijn de kleine lettertjes onzichtbaar geworden? Of komt het doordat iedereen alleen nog maar sensatiezuchtige kranten leest op internet? Ik hoop een deel van deze vragen met dit artikel te beantwoorden.

De wegebbende lokale journalistiek
Lokale journalisten krijgen steeds meer moeilijkheden om hun taak van controle op bedrijven, organisaties en gemeente uit te voeren. Dit komt doordat er steeds meer journalisten weggaan uit de lokale journalistiek. Waarom is dat zo? Het is bijna niet meer mogelijk om rond te komen van het geld dat ze daarmee verdienen, want onthoud: journalist zijn is ook gewoon een beroep om de kost mee te verdienen en de meeste willen dit niet aanvullen door ‘sensatie’ te ‘verzinnen’. Waarom is het inkomen van lokale journalistiek dan zo laag? Burgers lezen de krant minder, kijken eerder op Facebook en andere sociale media om te zien of er wat gaande is, omdat dat makkelijker is. Ook zijn er nauwelijks burgers die bereid zijn om te betalen voor lokale kranten. Waarom zouden ze ook, als het toch gratis te vinden is op internet? Het antwoord daarop komt later in dit artikel. Adverteerders hebben op deze manier steeds minder belang bij advertenties in kranten, waardoor de advertentie-inkomsten bij lokale kranten dus dalen, en daarmee dus de gehele omzet. Hierdoor vindt er bij de lokale redacties reorganisatie plaats: er wordt genoegen genomen met minder journalisten. Dit betekent niet meteen dat de kwaliteit achteruit gaat, de overige journalisten zullen er nog alles aan doen om hun geschreven artikelen zo goed mogelijk te onderbouwen. Wel zal de krant dunner worden, waardoor nog minder mensen het lezen, waardoor advertentie-inkomsten nog meer dalen, waardoor er weer reorganisatie plaatsvindt en de krant nóg dunner wordt en zo daalt uiteindelijk de kwaliteit wel. Dit wordt ook wel de ‘neerwaartse oplagespiraal’ genoemd.

Negatieve gevolgen voor de burger
Iedereen kent wel iemand die altijd maar kritiek heeft op nieuwsberichten. Degene vindt dat de media een punt in een nieuwsbericht benadrukken terwijl dat niet de hoofdzaak behoort te zijn, bovendien wordt een verhaal niet van verschillende kanten belicht, is er dus altijd één slachtoffer, en daarbij is er gewoon te veel aandacht voor sensatie. De media is volgens degene de enige schuldige, want “De Media dit… De Media dat…” Als je aan degene vraagt waar hij/zij dit nieuws vandaan heeft, antwoordt degene met “Facebook, Twitter, het AD of de Telegraaf”, of terwijl allemaal media die uit zijn op sensatiezucht. Sociale media (Facebook, twitter etc.) zijn geen journalistieke media. Het AD en de Telegraaf zijn geen kwaliteitskranten (wel populaire en dus sensatiekranten). Dit zelfde geldt eigenlijk voor alle nieuwsberichten die je op sociale media tegenkomt. De nieuwsberichten mét kwaliteit kun je namelijk niet gratis (soms uitzonderingen van o.a. de Volkskrant, al kan je geen volledige artikelen lezen) op internet lezen. En ja, als dit soort mensen niet bereid zijn om voor traditionele media te betalen, dan zullen zij nooit hun vragen bij nieuwsberichten – die zij wel lezen – beantwoord krijgen en dus zullen zij kritiek op alle media blijven houden en bovendien de media enorm gaan wantrouwen.

Wat niet vergeten mag worden
De media is (helaas) een heel breed begrip. Onder de media vallen veel meer dan alleen journalistieke zenders. Veel mensen vergeten dat vrijwel alleen de traditionele media (kranten als NRC, Trouw, Volkskrant) nog échte journalistieke kwaliteitskranten zijn. Onder de rest van de media vallen ook nog radio-omroepen (mét publieke en commerciële omroepen), televisiezenders (met publieksgerichte en commerciële zenders), verschillende platforms van sociale media waar mensen zelf van alles kunnen uploaden (user-generated content): YouTube, Facebook, Twitter… Alleen de NPO heeft op televisie en radio nog een duidelijke journalistieke insteek, voor de rest wordt alle berichtgeving met een amuserende insteek uitgezonden.

Nog een verklaring voor discussies op sociale media
Steeds meer mensen posten zelf ‘nieuws’ berichten op sociale media. Denk aan iemand die getuigen was van iemand die een ander verrot scheldt… De getuigen filmt op het moment dat de scheldende partij uit zijn slof is geschoten, vervolgens wordt deze ‘dader’ kapot gescholden op sociale media… en is er niemand die zich afvraagt waarom die persoon zo uit zijn slof schoot.. Dan vraag ik me toch wel af of het zo’n goed idee is om de ‘burger’ als journalist te zien op sociale media.. Naar mijn mening worden de nieuwsberichten op deze manier veel te gekleurd.. en dat is precies waar de discussie-voerders op sociale media weer kritiek op hebben… zonder te achterhalen dat dit soort berichten niet worden geplaatst door échte journalisten… Dit wekt bij mij wel enige zorgen. Zeker als ik me moet indenken hoe journalisten hier weer verder mee moeten omgaan.

Duss…
Door de overspoeling van berichten uit de media (en dan bedoel ik zowel kwaliteitskranten als sociale media) lijkt het bijna onmogelijk om de juíste weergaven eruit te filteren. Maar die zijn er dus zeker wel! De burger lijkt steeds meer kritiek hierop te geven, maar ziet zelf niet in dat zij hier medeverantwoordelijk voor is. Sterker nog, de burger heeft hier mede zelf voor gezorgd. Misschien onbewust, maar misschien wordt het wél tijd om eens flink na te denken over de situatie waar de ‘media’ zich nu in verkeert. De lokale journalistiek valt misschien niet meer te redden…, maar de landelijke daarentegen nog zeker wel!

Gebruikte bronnen o.a.:

Klik om toegang te krijgen tot Scenario-onderzoek-SvdJ.pdf


http://www.nrcreader.nl/artikel/2154/de-regionale-krant-kwijnt-weg

~Deeserve it

Een kijkje in het leven van een student journalistiek

IMG_8860kOp dit moment zijn er in mijn hersenen zo’n tien programma’s opgestart en staan er meer dan twintig tabbladen open. Variërend van onderwerpen, artikelen, interviews, radio- en tv-montages, brainstormsessies, analyses, montages, voorbereidingen, afspraken en regelingen, loopt alles door elkaar. En wat gebeurt er met ieders computerscherm waarin té veel programma’s en tabbladen openstaan? Het systeem loopt vast, er komen foutmeldingen voorbij en je wordt gedwongen om jouw pc opnieuw op te starten.

Zo gaat dat dus al een paar weken met mijn hersenen (ja, die heb ik, mocht iemand daar een grap over willen maken). Ik voel me als een kind die nog nooit water heeft gezien en in het diepe wordt gegooid zonder zwembandjes. Aan de zijkant zie ik vijf kinderen van mijn leeftijd staan die de visjes in het water moeten vangen zonder hengel, terwijl ik als een verzuipend hondje probeer om mezelf op het vlot te trekken. In deze poging, zie ik een kind die vrijwillig het water inspringt en naar de bodem duikt om met zijn blote handen tevergeefs een visje te vangen. Een ander kind zie ik stilletjes afwachten wat de anderen gaan doen en weer een ander kind haalt zijn lunchtrommeltje tevoorschijn om een hapje van zijn appel te nemen. De laatste twee kinderen kijken elkaar met rollende ogen aan, trekken met hun superkrachten alle kinderen bij elkaar en halen zes kleurpotloden en een tekenblad tevoorschijn waarop ze met zijn allen zes verschillende bloemetjes tekenen. ‘In een redactie werken’, wordt dit ook wel genoemd door hun docenten.

Samenwerken in een redactie
In dit blok zijn we bezig met radio- en televisiejournalistiek. En als er één ding hierbij erg belangrijk is, is dat wel samenwerken. En dat blijkt lang niet altijd zo gemakkelijk te zijn voor journalistiekstudenten… Dan heb ik het niet zozeer over het kiezen uit verschillende ideeën, dat is namelijk nog wel te overzien. Nee, ik heb het meer over de vorm van ‘communicatie’. Zo’n redactievergadering kan heel handig zijn, maar als er daarvóór of erna onderling iets verkeerd wordt begrepen, ontstaan er geen leuke situaties. Daarbij kan zo’n WhatsApp groep ook heel handig zijn om dingen af te spreken, maar als iemand in deze groep kritiek levert…. komt dat al snel verkeerd (en persoonlijk) over. En dan heb ik het nog niet eens over de echte ‘praktijk’.

Radio- en televisie items
De uitvoering van de besproken opdrachten in de redactie, moet heel goed worden voorbereid. Voor een radio item moeten we aan enorm veel details denken: interview regelen, researchen, vragen voorbereiden, opnameapparatuur reserveren en ophalen, op locatie zo min mogelijk ruis regelen, de microfoon zo geleidelijk mogelijk bewegen van journalist naar geïnterviewde, een voice over opnemen en uiteindelijk het item monteren. Bij een televisie item komt daar nog veel meer bij kijken: juiste compositie zoeken voor het interview op locatie, geluid checken, zorgen dat de microfoon niet in beeld komt, meedraaien als de geïnterviewde beweegt, tussenshots maken én hopen dat op de draaidag van een locatie buiten het weer meewerkt…

Gekkenhuis én extra verzwaring
Naast de opdrachten om in redacties te werken, zijn er ook nog genoeg andere vakken waar heel wat voor moet worden gedaan. Voor Nederlands een geschreven portretterend interview, voor Engels een Engelstalig geschreven interview, een radio- en televisie-analyse, een aantal blogberichten met een ‘nieuws’ onderwerp gekoppeld aan journalistiek, voor het vak ‘democratie’ een interview over een burgerinitiatief voor vluchtelingen én de bijbehorende theorie bestuderen voor de enige theorietoets van dit blok en ga zo maar door. Daarnaast doe ik ook nog eens voor de gezelligheid mee met de verzwaringsprocedure (om de opleiding in 3 jaar te doen in plaats van 4 jaar). Hiervoor staat een tabblad open voor een televisiereportage én een individuele radioreportage én een aangename toets ‘debatteren’.

Een voorproefje van een échte journalist
Graag zou ik komende weken helemaal niks doen en tot rust komen, maar als ik alle deadlines wil halen, zal ik toch écht een deel van mijn kerstvakantie moeten opofferen. Om eerlijk te zijn, leef ik nu wel al een akelig voorproefje van het leven van een échte journalist. Een journalist moet over het algemeen namelijk 24/7 bereikbaar zijn, altijd alert zijn en is dus altijd met van alles tegelijk bezig… Ik vraag me voortdurend af waarom ik hier überhaupt aan begonnen ben… Maar dan bedenk ik me dat ik niet anders kan. Mijn passie ligt hier, mijn nieuwsgierigheid kan ik niet bedwingen, ik wil iets betekenen voor de maatschappij en ik geniet stiekem van de drukte, ook al raak ik zo vermoeid.

Door alle ‘kopjes’ van de tabbladen in mijn hersenen op een rijtje te zetten en deze vervolgens te verdelen onder de dagen in mijn agenda, kan ik ze één voor één openen en afsluiten. Dit zorgt ervoor dat ik niet net zoals een computersysteem zal vastlopen of crashen. Als journalist kan je helaas dus niet altijd vertrouwen op de techniek… maar gelukkig wel op je eigen verstand.

Mijn lezers die wél vakantie hebben, rust lekker uit! Én hele fijne feestdagen gewenst! 🙂

Liefs, Dee

~Deeserve it

Journalistiek ‘in een notendop’

Waarom is journalistiek zo belangrijk? Wat is het doel van een journalist? Wat wil een journalist met dit doel bereiken? En hoe word je nou een goede journalist? Zowel succesvolle freelance journalisten als succesvolle journalisten met een vaste baan hebben hun visie, ervaringen en antwoorden hierover mogen delen met eerstejaars studenten journalistiek van mijn opleiding.

Bekende journalisten
Zo kwam Tijs van den Brink, televisie- en radiopresentator, langs om duidelijk te maken dat een televisie- of radiojournalist in staat moet zijn om erg snel te werken. Dit in tegenstelling tot de schrijvende journalist. Riekelt pasterkamp, oorlogsverslaggever, vertelde over de ‘embeded journalistiek’. Dit houdt in dat de journalist meegaat met dat waar hij of zij over schrijft. In zijn geval was dat dus oorlog en ging hij mee met een aantal militairen. Zo zijn er nog meer bekende journalisten, waaronder Leendert de Keijzer, Ton van der Ham en Kim Einder, die hún verhaal hebben verteld. Hiervan wil ik de belangrijkste aspecten met jullie delen.

Controlerende functie: de 5e macht
In Nederland kennen we een machtenscheiding die bestaat uit de wetgevende, uitvoerende en rechtsprekende macht. De ambtenaren worden gezien als de 4e macht en journalistiek zou wel eens de 5e macht kunnen zijn. Journalistiek is namelijk een tegenkracht tegen de machthebbende. Iedereen die macht heeft mag dit niet misbruiken en daar willen journalisten op attenderen. Dit kan dus ook worden gezien als een soort macht. Elke journalist vraagt zich voortdurend bij alles af of het wel klopt wat er gebeurt. Een journalist heeft dus een gezonde vorm van wantrouwen en is altijd nieuwsgierig en alert.

Journalisten zijn ‘ideale burgers’
Journalisten willen dat wat niet klopt rechtvaardigen. Ze willen misverstanden aankaarten en wederhoor halen bij degene die negatief in beeld zijn gekomen. Alle kanten worden belicht om de waarheid te achterhalen. Eerlijkheid is dus een belangrijke waarden, maar daarnaast is het ook niet de bedoeling om een ‘overtreder’ negatief in beeld te brengen. Het is de bedoeling om het ongelijk van de ‘overtreder’ te onderzoeken met de vraag: “Waarom heeft hij dit gedaan?” in het achterhoofd. Hiermee hopen journalisten een boodschap over te brengen zodat dit soort gevallen niet weer gebeuren. Ze willen dus als het ware de wereld ‘verbeteren’.

‘Angst voor het onbekende’
Ondanks het feit dat de meeste journalisten de wereld willen verbeteren, bestaat er toch nog onder sommige mensen een negatief beeld over journalisten. Dit beeld bestaat vaak bij mensen met ‘macht’. Zij zijn vaak bang ondervraagd te worden over hun bedrijf. Ze denken dat journalisten hun bedrijf expres in de negatieve belangstelling willen zetten.  ‘De angst voor het onbekende’ wordt dit ook wel genoemd. Journalisten hebben namelijk niet als doel iets of iemand zwart te maken, om zo met een ‘goed verhaal’ aan te komen. Het enige wat er zich in zo’n situatie kan afspelen is een ‘zoektocht naar de waarheid’.

12 Gouden Tips
Een goede journalist word je niet zomaar! Wat zijn nou dé eigenschappen die een studentjournalist beslist moet hebben? Wat moet hij/zij volgens de eerder genoemde bekende journalisten doen om een goede journalist te worden? Het volgende:
1. Altijd kranten lezen
2. Altijd nieuwsgierig zijn én zuiver: Je moet precies willen weten hoe het zit
3. Altijd beschikbaar zijn: Wees bereid om hard te werken
4. Straal uit dat journalistiek het mooiste vak is
5. Wees brutaal tot de grens
6. Als je freelancer wil worden, werk eerst bij een ‘baas’ om ervaring op te doen
7. Doe waar je goed in bent, ontwikkel dit, zoek je opdrachtgevers bij de stijl die jij hanteert
8. ‘Je bent altijd zo goed als je laatste verhaal’
9. Je maakt een verhaal: Je moet kunnen uitleggen wat je heb gedaan
10. Doe ervaring op: betaald of onbetaald!
11. Wees bewust van constante prestatiedruk, maar laat het je niet afleiden van de ‘waarheid’
12. Hoe lagere journalistiek, hoe meer macht: hoe dichterbij publiek, hoe meer invloed
~Deeserve it

Sociale media voor een student journalistiek

“Maak een twitteraccount aan,” heb ik de afgelopen weken verschillende keren gehoord tijdens mijn opleiding journalistiek. Niet alleen twitter, maar ook andere sociale media sites blijken namelijk essentieel te zijn voor o.a. het netwerk van journalisten.

Zo word ik ook geacht LinkedIn aan te maken en het nieuws via verschillende apps te volgen. Daarnaast moest ik vorige week een ‘plan van aanpak’ voor een blog inleveren. Het is namelijk de bedoeling dat ik vanaf nu een (journalistieke) blog bij ga houden. Het was even een complete chaos in mijn hoofd. Ik dacht bij mezelf: “Ik heb net vorige maand mijn doelloze twitteraccount met 3000 tweets uit 2011 verwijderd, op Facebook kan ik de belangrijke nieuwtjes (van mijn vrienden) niet meer onderscheiden van de ‘vind ik leuk’ gemarkeerde berichten, filmpjes, spotprenten, plaatjes en andere onzinreclames, waardoor ik Facebook nauwelijks meer check, ik heb al een eigen blog die ik graag wil blijven gebruiken en wat is in vredesnaam toch dat LinkedIn waar ze het over hebben…”

Na een hele diepe in- en uitademingsmoment tijdens mijn volgende yogasessie kwam ik dan op het idee voor een concretere aanpak. Mijn missie is dan ook om de verschillende sociale media ook écht gescheiden te houden. Hieronder volgt dan ook even een overzichtje over hoe ik de volgende platformen ga gebruiken:

LinkedIn:
Dit moet ik nog even aanmaken, maar het schijnt handig te zijn om een netwerk op te bouwen, aangezien ik gelijk (een misschien belangrijk) iemand kan toevoegen in het geval degene later ‘van pas’ komt.

Facebook:
Mijn persoonlijke facebookpagina houd ik écht persoonlijk en hier ben ik dus alleen ‘vrienden’ met mensen die ik in werkelijkheid heb ontmoet. Laatst heb ik alle nieuwsmedia en pagina’s die niks met mijn vrienden te maken hebben ‘unfollowed’. Ik merkte meteen dat het overzicht al veel beperkter werd, maar ik vind het nog steeds vervelend dat ik al die ‘gelikete’ berichten van mijn vrienden zie… Maar goed,  naast mijn persoonlijke profiel, heb ik, zoals jullie nu ondertussen al weten, wel nog twee openbare/publieke pagina’s. De eerste voor iedereen die mijn ‘fotografie’ werk wil volgen: https://www.facebook.com/DeborahdeMeijerPhotography en de tweede is voor mijn blog (blog die je nu leest: Deeserve it): https://www.facebook.com/Deeserveit .

Twitter:
Zelf gebruik ik twitter vooral om het nieuws te volgen. Ik volg dus voornamelijk nieuwsmedia als NOS, de Volkskrant, NRC etc. Wel zal ik zelf via mijn twitteraccount updates van mijn blog plaatsen en af en toe ook waar ik mee bezig ben en of er binnenkort een nieuw blogbericht aankomt en waarover. Ik ben te vinden via: @Deborahdemeijer

Instagram:
Op Instagram zal ik blijven doen wat ik al deed: af en toe foto’s plaatsen (en als het bij de foto past een melding van update van mijn blog) en vrienden, maar ook onbekende accounts blijven volgen die mij interesseren. Mijn Instagram account is hetzelfde als twitter: @Deborahdemeijer

De gevolgen voor Deeserve it:
Om nu even terug te komen op het feit dat ik een ‘plan van aanpak’ voor een blog moest maken… Ik heb er uiteraard voor gekozen om Deeserve it hiervoor te gebruiken. Wat houdt dit dan precies in? Gaat mijn blog drastisch veranderen? Het houdt in dat ik mijn blog ook voor studie-gerelateerde blogberichten ga gebruiken. Nee, daarbij komen er geen drastische veranderingen. Mijn onderwerpen zullen soms misschien iets meer nieuwswaardig zijn, enkele boekrecensies bevatten of onderwerpen m.b.t. mijn vakken op school, maar ik houd me nog altijd aan mijn intentie van mijn blog. In combinatie met nieuwsonderwerpen zal het een uitdaging worden, maar ik beloof dat positivisme dus nog overal terug te vinden is!

Mijn profielen van sociale media zijn natuurlijk ook terug te vinden als je op een van de ‘social media icons’ klikt op mijn blog.

~Deeserve it